Kaarsen

Kaarsen zijn veelzijdig te gebruiken. Je kan er kaarsvet mee op de sub druppelen of gieten of je kan ze aansteken voor de sfeer.

De meeste kaarsen worden gemaakt van:

Paraffine:smelt bij 55 ºC
Stearine: smelt bij 60 ºC
Bijenwas: smelt bij 65 ºC

Waxinelichtjes(theelichtjes)zijn van 100% paraffine en smelten bij 55 ºC

60 graden is de temperatuur waarbij menselijk eiwit begint af te breken, ofwel waar brandwonden kunnen ontstaan. Een klein druppeltje bijenwas is afgekoeld voor het schade heeft kunnen aanrichten. Een te grote hoeveelheid kan vervelende gevolgen hebben. 

Er zijn echter ook paraffines met een smeltpunt van meer dan 80ºC

Stearine is een willekeurig mengsel van palmitinezuur (smeltpunt 61-63C) en stearinezuur (smeltpunt 69-71C) en nog wat "verontreinigingen" zoals oliezuur. 

Bijenwas is voor veel mensen te heet en kan lelijke brandwonden veroorzaken als er een te grote hoeveelheid op de huid komt. Voor een masochistische sub en een trefzekere Dom kan dit prima werken.

Beginners houden zich voorlopig beter bij paraffine.
Dikke kaarsen hebben een lager smeltpunt dan dunne.
Gebruik geen "speciale" kaarsen.
Kaarsen met een vermeldign "extra lange brandduur", "druipvrij", of "trekken niet krom" smelten bij een hogere temperatuur.
Sommige kaarsen hebben een plastic-achtig laagje, voor de glans of voor een kleurtje, deze plasticlaag kan wordt veel te heet.

De temperatuur van een kleine hoeveelheid gesmolten kaarsvet, in aanraking met een grote hoeveelheid vast vet, is nooit veel hoger dan de temperatuur van het smeltpunt. Als je echter kaarsen in een bakje gebruikt (thee/waxine lichtjes), dan kan de temperatuur van de relatieve grote plas gesmolten vet wel veel hoger oplopen.


Hoe heet een druppel kaarsvet aanvoelt is voornamelijk afhankelijk van:

Waar hij terecht komt.
De grootte van de druppel.
De afstand tussen kaars en huid. (Tijdens het vallen zal het kaarsvet echt niet veel afkoelen, maar een druppel die van een kleinere hoogte komt, blijft ronder van vorm en koelt daardoor langzamer af, waardoor het effect gemener is).
Of de druppel direkt op de huid komt, of op een reeds gestold laagje kaarsvet.
De "geilheid" van de sub. 


Nog enkele tips:

Begin met de kaars ver van het lichaam te houden, let op de reaktie van de sub en daaruit kan je afleiden of en hoeveel dichter je de kaars bij de huid mag houden.
Let op kuiltjes in het lichaam, door daar veel kaarsvet in te druppelen krijgt het niet de kans snel af te koelen en dit kan brandwonden veroorzaken.
Een ander voorbeeld hiervan zijn de navel en zelfs eventuele huidplooien (bij de iets gezettere onderdanige).
Als er eenmaal een afgekoelde laag gevormd is kan het wel leuk zijn een tweede laag te maken. Juist omdat het dan een soort gloeien achterlaat.
Je kunt lager met de kaars omdat de eerste laag (afgekoelde laag) de huid beschermt en daardoor kan je dan beter mikken.


Dan nog een waarschuwing voor waxinelichtjes.
Die zijn op zich wat materiaal betreft prima, zelfs minder warm dan de gemiddelde kaars.
Maar het gevaar dat het lontje, inclusief ijzeren deeltje, eruit valt is redelijk groot als hij wat verder opgebrand is.
Dat verbrandt gegarandeerd de onderdanige.
Dus als je het gebruikt, onmiddelijk stoppen van zodra het ijzertje zichtbaar wordt